Introductie: Soorten vriendschappen
β± 7 min
1
Docent bespreekt: er zijn oppervlakkige bekenden, vrienden en echte goede vrienden. Dat is normaal! Niet iedereen hoeft je beste vriend te zijn. Vraag: wat maakt voor jou het verschil tussen een kennis en een echte vriend?
Mijn sociale kringen
β± 13 min
2
Vul jouw sociale kringen in: wie staat dicht bij jou en wie verder weg?
Vul jouw sociale kringen in. Wie staat het dichtst bij jou?
Kern (1β3 personen)
Goede vrienden (3β8)
Vrienden (8β15)
Bekenden
Vriendschapsgesprek
β± 12 min
3
Reflecteer op jouw vriendschappen.
Afsluiting
β± 8 min
4
Schrijf een compliment voor jouw beste vriend(in) β iets wat je normaal niet zo snel zegt.
π€ Jouw werk bewaren en delen
Sla jouw antwoorden op of stuur ze door naar jouw mentor of docent.